Website van Cees Hagenbeek
Margaretha van der Weg
Margaretha van der Weg.

tr.
met

Hermannus Hesselink.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Antony~1717 Zutphen    


Trijntje Dircksdr van Castricum
Trijntje Dircksdr van Castricum, geb. circa 1490, ovl. in 1576.

tr.
met

Dirck Vranken Cranenburgh (Dirck Vranck, Dirck Vrankenz, Vranck Matheusz van Cranenburch), zn. van Vranck Matheusz Cranenburgh, geb. in 1470, Kerkmeester in 1515 en kastelein van het huis Dever van 1510 tot na 1550, woonde Pennings te Vennemeer, woonde Cranenburgh te Alkemade, woonde Cranenburgh te Lisse, woonde Huys Dever te Lisse, Cranenburg & Mathenesse, Zijplant, ovl. Hoeve Pennings te Warmond in 1520,
, hij woont enige tijd in Lisse ten noorden van een stuk land genaamd het Slechte Velt. Vermeld in 1498 op de lijst VML wegens vermogensbelasting te Leiden. Hij woont volgens deze lijst in de wijk Overmare. Later is Dirck bouwman op de Vrouwe Ven ten noorden van 't Cloosterland en vallend onder Warmond. Hij woont daar op boerderij Pennings aan het Vennemeer. Dit pand koopt hij vóór 1534. Hij pacht 32 morgen land, verdeeld in twee partijen (weren) van de Abdij van Rijnsburg. Op de ene weer staat z'n boerderij; de andere weer wordt gebruikt door ene Cornelis Jansz. Voor de 32 morgen land betaalt zoon Claes Dircksz aan pacht in 1534 47 pond, in 1539 51 pond, in 1545 64 pond en in 1550 69 pond. Kennelijk wordt het land door hem gebruikt. Dat is goed mogelijk want vader Dirck Vranken is in de periode 1510-1550 kastelein van Huys Dever te Lisse en pacht daar 33 morgen en 85 roeden land van leenheer Nicolaes van Mathenesse. In 1550 is zoon Huych eigenaar van de boerderij, mogelijk door erfenis c.q boedelscheiding wegens de dood van zijn vader. Hij pacht dan 34 morgen land.
Leenman van Dever (vermeld op 1456-05-05, 1470-04-10 en 1471-02-06). Hij woonde op de Vrancken Hofstede in Lisse. In 1472 verhuist Vranck Matheusz mogelijk naar Warmond op de Vrouwe Ven (Alkemade). Cranenburgh Alkemade. In Alkemade wonen door de eeuwen heen aardig wat Cranenburghs. In de 15e eeuw komen de eersten zich hier vestigen. Het zijn Dirck Vranken Cranenburgh en zijn potentiële broer Thijs Vranken Cranenburgh. Dirck wordt bouwman in de Vrouwe Ven en Thijs barbier in Oude Wetering. Het is echter goed mogelijk dat hun vader Vranck Mathijsz Cranenburgh* (1430*-1490*) zich al eerder vestigt in Alkemade. Vranck is geboren in Lisse en is daar enige jaren leenman van Huys Dever. Hij wordt als zodanig vermeld van 1456 tot 1471. Zoon Dirck is geboren in 1470* en zoon Thijs in 1485*, zodathet goed mogelijk is dat vader Vranck in 1471 met vrouw en kinderen verhuist naar Alkemade.
Cranenburgh, Van Cranenburgh, Van Cranenburch, Kranenburg. De variant Van Craneneburch is opmerkelijk, omdat het in feite de oudste vorm is, die oorsrponkelijk is te vinden bij de Cranenburgs die wonen op kasteel Cranenburg te Bleiwsijk. In Alkemade vinden we deze variant o.a. bij Mees Claas van Cranenburch en diens broer Zacharias Claesz Cranenburgh (alias van Cranenburch).

Uit dit huwelijk 8 zonen:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Vrank*1510  †1565  55
Claes*1506  †1576  70
Huych*1505 Warmond †1575 Warmond 70
Leendert     
Mathijs     
Cornelis     
Ysbrant     
Claes*1515  †1586  71


Pieter Reynst
Pieter Reynst, geb. circa 1510, askoper en zeepzieder, ovl. in 1573.

tr.
met

Catharina Sijvertsdacht.

Uit dit huwelijk 7 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gerard*1568  †1615 Jakarta [Indonesië] 47
Reinier     


Catharina Sijvertsdacht
Catharina Sijvertsdacht.

tr.
met

Pieter Reynst, geb. circa 1510, askoper en zeepzieder, ovl. in 1573.

Uit dit huwelijk 7 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gerard*1568  †1615 Jakarta [Indonesië] 47
Reinier     


Reinier Pieterszn Reynst
Reinier Pieterszn Reynst.

  • Vader:
    Pieter Reynst, geb. circa 1510, askoper en zeepzieder, ovl. in 1573, tr. met

tr.
met

Neeltje Simonsdr. Jonckheijn.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Hendrik*1583 Rotterdam †1648 Rotterdam 64


Neeltje Simonsdr. Jonckheijn
Neeltje Simonsdr. Jonckheijn.

tr.
met

Reinier Pieterszn Reynst, zn. van Pieter Reynst (askoper en zeepzieder) en Catharina Sijvertsdacht.

Uit dit huwelijk een zoon:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Hendrik*1583 Rotterdam †1648 Rotterdam 64


Hendrik Reynst
Hendrik Reynst, geb. Rotterdam op 22 sep 1583, Koopman, Schepen van Amsterdam, Bewindhebber van de Verenigde Oost-Indische Compagnie Kassier van de Amsterdamse Wisselbank, ovl. Rotterdam op 29 jun 1648,
, In 1634 kocht Hendrik Reijnst -koopman, schepen van Amsterdam, bewindhebber van de Verenigde Oost-Indische Compagnie en kassier van de Amsterdamse Wisselbank, voor HFL 11.700,00 de boerenhofstede op Landgoed Duin en Berg. Deze boerenhofstede werd in de jaren daaropvolgend door Reijnst en andere eigenaren uitgebreid en opgesmukt met onder andere een formele tuin. Hierbij dienden de tuinen van het Paleis in Versailles als voorbeeld. Vandaag de dag is van deze tuin helaas niets meer zichtbaar omdat ook tuinen aan mode onderhevig zijn.

tr.
met

Elisabeth Princen, geb. Rotterdam op 19 jun 1586, ovl. aldaar op 19 jul 1650.

Uit dit huwelijk 2 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Lambert*1613 Rotterdam †1679 Rotterdam 66


Elisabeth Princen
Elisabeth Princen, geb. Rotterdam op 19 jun 1586, ovl. aldaar op 19 jul 1650.

tr.
met

Hendrik Reynst, zn. van Reinier Pieterszn Reynst en Neeltje Simonsdr. Jonckheijn, geb. Rotterdam op 22 sep 1583, Koopman, Schepen van Amsterdam, Bewindhebber van de Verenigde Oost-Indische Compagnie Kassier van de Amsterdamse Wisselbank, ovl. Rotterdam op 29 jun 1648,
, In 1634 kocht Hendrik Reijnst -koopman, schepen van Amsterdam, bewindhebber van de Verenigde Oost-Indische Compagnie en kassier van de Amsterdamse Wisselbank, voor HFL 11.700,00 de boerenhofstede op Landgoed Duin en Berg. Deze boerenhofstede werd in de jaren daaropvolgend door Reijnst en andere eigenaren uitgebreid en opgesmukt met onder andere een formele tuin. Hierbij dienden de tuinen van het Paleis in Versailles als voorbeeld. Vandaag de dag is van deze tuin helaas niets meer zichtbaar omdat ook tuinen aan mode onderhevig zijn.

Uit dit huwelijk 2 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Lambert*1613 Rotterdam †1679 Rotterdam 66


Lambert Reynst
Lambert Reynst1, geb. Rotterdam circa 1613, Ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel, ovl. Rotterdam op 8 dec 1679,
, Lambert Reynst was een Amsterdamse regent uit de Gouden Eeuw, die tot de partij van de staatsgezinden behoorde.
Hij stamde uit de patriciërsfamilie Reynst en huwde met Alida, dochter van Cornelis Bicker en Aertge Witsen . Hij was een neef van raadspensionaris Johan de Witt . Reynst was onder meer advocaat, tussen 1649 en 1655 raad der Admiraliteit in het Noorderkwartier, in 1667 bewindhebber van de Verenigde Oostindische Compagnie en tussen 1667 en 1672 drie keer regerend burgemeester van Amsterdam. Hij ontving Cosimo III de' Medici in de schouwburg van Van Campen .
Toen de Republiek in het rampjaar 1672 door Engeland en Frankrijk werd aangevallen, keerde de bevolking zich tegen Johan de Witt en zijn broer Cornelis . Na de moord op de gebroeders De Witt en toen Willem III van Oranje uiteindelijk stadhouder werd, ontsloeg de prins Reynst, zijn zwager Andries de Graeff en zijn neven Pieter en Jacob de Graeff en Hans Bontemantel samen met negen anderen.
Reynst was tussen 1667 en 1672 ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel . Zijn opvolger was de prinsgezinde Johannes Hudde .
Zijn huishoudster Eeltien Vinck trouwde in 1688 met de kunstschilder Meindert Hobbema . De 17de-eeuwse verzamelaar van mappen, Aernout van Overbeke, beschreef hem als de grootste "hoerenjager" van de stad, wat zowel hoerenloper als hoerenbestrijder kon betekenen.

  • Vader:
    Hendrik Reynst, zn. van Reinier Pieterszn Reynst en Neeltje Simonsdr. Jonckheijn, geb. Rotterdam op 22 sep 1583, Koopman, Schepen van Amsterdam, Bewindhebber van de Verenigde Oost-Indische Compagnie Kassier van de Amsterdamse Wisselbank, ovl. Rotterdam op 29 jun 1648,
    , In 1634 kocht Hendrik Reijnst -koopman, schepen van Amsterdam, bewindhebber van de Verenigde Oost-Indische Compagnie en kassier van de Amsterdamse Wisselbank, voor HFL 11.700,00 de boerenhofstede op Landgoed Duin en Berg. Deze boerenhofstede werd in de jaren daaropvolgend door Reijnst en andere eigenaren uitgebreid en opgesmukt met onder andere een formele tuin. Hierbij dienden de tuinen van het Paleis in Versailles als voorbeeld. Vandaag de dag is van deze tuin helaas niets meer zichtbaar omdat ook tuinen aan mode onderhevig zijn, tr. met
  • Moeder:
    Elisabeth Princen, geb. Rotterdam op 19 jun 1586, ovl. aldaar op 19 jul 1650.

tr.
met

Alida Bicker van Swieten1, dr. van Cornelis Gerritsz Bicker en Aertge Gerritsz Witsen.

Bronnen:

1.Wij zijn de Bickers! (B 264), Simone van der Vlugt, Prometheus, 978 90 446 3758 8, Amsterdam, 2019 (blz. 144)

Alida Bicker van Swieten
Alida Bicker van Swieten1.

tr.
met

Lambert Reynst1, zn. van Hendrik Reynst (Koopman, Schepen van Amsterdam, Bewindhebber van de Verenigde Oost-Indische Compagnie) en Elisabeth Princen, geb. Rotterdam circa 1613, Ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel, ovl. Rotterdam op 8 dec 1679,
, Lambert Reynst was een Amsterdamse regent uit de Gouden Eeuw, die tot de partij van de staatsgezinden behoorde.
Hij stamde uit de patriciërsfamilie Reynst en huwde met Alida, dochter van Cornelis Bicker en Aertge Witsen . Hij was een neef van raadspensionaris Johan de Witt . Reynst was onder meer advocaat, tussen 1649 en 1655 raad der Admiraliteit in het Noorderkwartier, in 1667 bewindhebber van de Verenigde Oostindische Compagnie en tussen 1667 en 1672 drie keer regerend burgemeester van Amsterdam. Hij ontving Cosimo III de' Medici in de schouwburg van Van Campen .
Toen de Republiek in het rampjaar 1672 door Engeland en Frankrijk werd aangevallen, keerde de bevolking zich tegen Johan de Witt en zijn broer Cornelis . Na de moord op de gebroeders De Witt en toen Willem III van Oranje uiteindelijk stadhouder werd, ontsloeg de prins Reynst, zijn zwager Andries de Graeff en zijn neven Pieter en Jacob de Graeff en Hans Bontemantel samen met negen anderen.
Reynst was tussen 1667 en 1672 ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel . Zijn opvolger was de prinsgezinde Johannes Hudde .
Zijn huishoudster Eeltien Vinck trouwde in 1688 met de kunstschilder Meindert Hobbema . De 17de-eeuwse verzamelaar van mappen, Aernout van Overbeke, beschreef hem als de grootste "hoerenjager" van de stad, wat zowel hoerenloper als hoerenbestrijder kon betekenen.

Bronnen:

1.Wij zijn de Bickers! (B 264), Simone van der Vlugt, Prometheus, 978 90 446 3758 8, Amsterdam, 2019 (blz. 144)
2.Wij zijn de Bickers! (B 264), Simone van der Vlugt, Prometheus, 978 90 446 3758 8, Amsterdam, 2019 (blz. 138)

Cornelis Gerritsz Bicker
Cornelis Gerritsz Bicker1, ged. Amsterdam (Oude Kerk) op 25 okt 1592, ovl. Amsterdam op 15 sep 1654.

  • Vader:
    Gerrit Pieterszn Bicker, zn. van Pieter Pietersz Gerrits Bicker (bierbrouwer op de Grimburgwal in pakhuis "De Sleutel") en Elisabeth Laurens Jacobs Benningh, geb. Amsterdam in 1554, Ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel, ovl. Amsterdam in 1604,
    , Gerrit Pietersz Bicker had een aanzienlijke plaats in de regentenstand. Hij behoorde in 1594 tot de oprichters van De Compagnie van Verre en werd in 1602 een der bewindhebbers van de toen opgerichte De Vereenigde Oostindische Compagnie
    Kort voor zijn dood maakte hij deel uit van een consortium van 17 voorname kooplieden, dat zich den handel op de Witte Zee ten doel stelde.
    Met recht heeft men daarom Gerrit één der stichters van den nederlandschen wereldhandel genoemd.
    Benoeming door burgemeesteren en raden van Amsterdam van Gerrit Bicker Pietersz naast Balthasar Appelman tot thesaurier extraordinaris in plaats van zijn overleden broeder Jacob Bicker In dorso aantekening, dat de principale brief onder Balthasar Appelman berust 15871 stuk.
    Gerrit Bicker, Andries' vader, had in den toen nog ongescheiden koopmans- en regentenstand zelfs een aanzienlijke plaats bekleed. Deze behoorde in 1594 tot de oprichters van de Compagnie van Verre en werd in 1602 een der bewindhebbers van de toen opgerichte Oost-Indische Compagnie. Kort voor zijn dood maakte hij deel uit van een consortium van 17 voorname kooplieden, dat zich den handel op de Witte Zee ten doel stelde. Met recht heeft men daarom Gerrit B. een der stichters van den nederlandschen wereldhandel genoemd. Tegelijk bekleedde hij politieke functies in de koopmansrepubliek. Hij was raad van 1590 tot zijn dood in 1604, was schepen en burgemeester en bekleedde bovendien nog verscheidene min of meer belangrijke ambten in de stadsregeering.
    Pieter Bicker werd opgevolgd door Gerrit Bicker, die de brouwerij door de woelige jaren van Opstand en Alteratie loodste. Door Gerrits succesvolle deelname aan de Compagnie van Verre gaf hij de dagelijkse leiding over de brouwerij in handen van brouwmeester IJsbrant Willemsz. Na Gerrits overlijden in 1600 verkochten de erven het brouwerijcomplex aan Sion Lus.
    Gerrit Pietersz Bicker, die na de verbanning van zijn vader de Amsterdamse brouwerij overnam, trouwde met Aleida Boelens, dochter van Andries Boelens. Die was een van de rijkste en machtigste mannen in Amsterdam, vijftien keer tot burgemeester verkozen. Gerrit dreef handel met Rusland, had contacten in Peru en was vanaf 1590 achtereenvolgens raadslid, schepen en in 1603 zelfs burgemeester. Zijn gedurfde investering in de Compagnie van Verre leverde hem geen windeieren op. Samen met zijn broer Laurens richtte hij ook nog de Compagnie van Guinee op, voor handel op de Afrikaanse westkust in goud, ivoor en slaven.”, tr. in 1580 met

tr. Amsterdam op 22 aug 1617
met

Aertge Gerritsz Witsen1, ged. Amsterdam (Oude Kerk) op 23 jun 1599, ovl. Amsterdam op 9 nov 1652.

Uit dit huwelijk 5 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Alida     



Bronnen:
1.Wij zijn de Bickers! (B 264), Simone van der Vlugt, Prometheus, 978 90 446 3758 8, Amsterdam, 2019 (blz. 138)

Aertge Gerritsz Witsen
Aertge Gerritsz Witsen1, ged. Amsterdam (Oude Kerk) op 23 jun 1599, ovl. Amsterdam op 9 nov 1652.

tr. Amsterdam op 22 aug 1617
met

Cornelis Gerritsz Bicker1, zn. van Gerrit Pieterszn Bicker (Ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel) en Aleida Andriesdr Boelens, ged. Amsterdam (Oude Kerk) op 25 okt 1592, ovl. Amsterdam op 15 sep 1654.

Uit dit huwelijk 5 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Alida     



Bronnen:
1.Wij zijn de Bickers! (B 264), Simone van der Vlugt, Prometheus, 978 90 446 3758 8, Amsterdam, 2019 (blz. 138)

Vranck Jacobsz de Wael
 
Vranck Jacobsz de Wael1, geb. Amsterdam circa 1526, ovl. in 1576.

  • Vader:
    Jacob Jansz de Wael van Rosenburch3,2,1, zn. van Jan Jacobzn de Wael van Rosenburch (rijke koopman en vooraanstaande patricier van de stad Amsterdam) en Aeff Jonge Jacobsdr die Verwer, geb. Voorschoten circa 1466, koopman te Amsterdam, schepen van Amsterdam 1479, ovl. in 1536,
    , Jacob de Waal komt voor als leenman (1460) van een huis te Schellinkhout. Dit huis werd in 1554 'De Klinke' genoemd, in 1483, wordt de belening door zijn oudere broer Jacob aan hem overgedragen (Leen- en Registerkamer 54, fol. 110)
    Koopt het landgoed Hofland Wijdenesin ca 1480. In 1598 overlijdt Frans, de laatste erfgenaam van Jacob, waardoor de Staten van Holland Hofland verkrijgen.
    Burggraaf Jan van Montfoort beleent in 1490 Jacob de Wael met Kuiperswerf (Capersweert).
    Erfgenaam van het landgoed Rosenburch bij Voorschoten en eigenaar van het pand in't-Gulden Paert te Amsterdam, tr. (2) Amsterdam circa 1518 met
 

tr.
met

Jannetgen Jans Pilgrimsdr, dr. van Jan Pilgrimsz en Grietje Jans Verburgh, geb. circa 1534.

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Margaretha*1567 Amsterdam †1586 Amsterdam 19



Bronnen:
1.De Vroedschap van Amsterdam, 1578-1795 (B 005), Johan E. Elias, N. Israel, Leiden, 1963 (blz. 128)
2.Afgeschermd, Periodiek, Kon. Ned. Gen. voor Geslacht- en Wapenkunde, ‘s-Gravenhage, vanaf 1883
3.CBG (CBG 005), Centraal Bureau voor Genealogie (blz. 134)

Jannetgen Jans Pilgrimsdr
Jannetgen Jans Pilgrimsdr, geb. circa 1534.

tr.
met

Vranck Jacobsz de Wael1, zn. van Jacob Jansz de Wael van Rosenburch (koopman te Amsterdam, schepen van Amsterdam 1479) en Alyd Wigboutsdr de Wael van Rosenburch, geb. Amsterdam circa 1526, ovl. in 1576.

 

Uit dit huwelijk een dochter:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Margaretha*1567 Amsterdam †1586 Amsterdam 19



Bronnen:
1.De Vroedschap van Amsterdam, 1578-1795 (B 005), Johan E. Elias, N. Israel, Leiden, 1963 (blz. 128)

Margaretha Vranckensdr de Wael
Margaretha Vranckensdr de Wael1 (Griet Vranckensdr), geb. Amsterdam circa 1567, ovl. aldaar in 1586.

 

tr. Amsterdam op 7 mei 1584
met

Laurens Pietersz Bicker1, zn. van Pieter Pietersz Gerrits Bicker (bierbrouwer op de Grimburgwal in pakhuis "De Sleutel") en Elisabeth Laurens Jacobs Benningh, geb. Amsterdam circa 1563, ovl. aldaar op 31 mei 1606, begr. Amsterdam (Nieuwe Kerk) op 3 jun 1606.

 


Bronnen:
1.Wij zijn de Bickers! (B 264), Simone van der Vlugt, Prometheus, 978 90 446 3758 8, Amsterdam, 2019 (blz. 65)
2.De Vroedschap van Amsterdam, 1578-1795 (B 005), Johan E. Elias, N. Israel, Leiden, 1963 (blz. 128)

Laurens Pietersz Bicker
 
Laurens Pietersz Bicker1, geb. Amsterdam circa 1563, ovl. aldaar op 31 mei 1606, begr. Amsterdam (Nieuwe Kerk) op 3 jun 1606.

  • Vader:
    Pieter Pietersz Gerrits Bicker, zn. van mr. Pieter Gerritsz Bicker en Anna Pietersdr Codde, geb. in 1522, bierbrouwer op de Grimburgwal in pakhuis "De Sleutel", begr. Amsterdam (Oude Kerk) op 2 apr 1585,
    , In de maximaal 23 brouwerijen die tegelijk in Amsterdam werkzaam waren, vonden helemaal niet zoveel mensen werk. Het was geen omvangrijke beroepsgroep, zeker afgemeten aan scheepvaart, textielindustrie of bouwnijverheid. Er ging wel veel geld in om en we vinden permanent brouwers/eigenaren op hoge posten in het stadsbestuur, als vroedschapslid, schepen of zelfs burgemeester. Er ontstonden hele brouwersdynastieën met broers, kinderen en aangetrouwden, die meerdere brouwerijen bevolkten: bijv. Hasselaer & Bickers
    De Bickers verdienden in brouwerij De Sleutel (aan de Grimburgwal) de basis voor het familiefortuin. Rond 1562 vestigde Pieter zijn brouwerij in een pakhuis op de voormalige Scaffery en noemde die naar dat pakhuis De Sleutel.
    Pieter werd opgevolgd door Gerrit, die de brouwerij door de woelige jaren van Opstand en Alteratie loodste. Rond 1600 schakelden de Bickers over op de nieuwe handelscompagnieën om dat fortuin nog verder uit te bouwen
    Middeleeuwse Bierbrouwerijen in Amsterdam, tr. (2) in nov 1570 met Marie Pietersdr van Neck, begr. Amsterdam (Oude Kerk) op 3 jan 1572. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (3) Alkmaar in 1577 met Josina van Teylingen. Uit dit huwelijk geen kinderen, otr. (4) Amsterdam op 15 jun 1582, tr. met Lijsbeth Pieters Nooms. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (1) Amsterdam op 31 jan 1553 met
 

tr. Amsterdam op 7 mei 1584
met

Margaretha Vranckensdr de Wael1 (Griet Vranckensdr), dr. van Vranck Jacobsz de Wael en Jannetgen Jans Pilgrimsdr, geb. Amsterdam circa 1567, ovl. aldaar in 1586.

Bronnen:

1.Wij zijn de Bickers! (B 264), Simone van der Vlugt, Prometheus, 978 90 446 3758 8, Amsterdam, 2019 (blz. 65)

Gerrit Pieterszn Bicker
Gerrit Pieterszn Bicker, geb. Amsterdam in 1554, Ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel, ovl. Amsterdam in 1604,
, Gerrit Pietersz Bicker had een aanzienlijke plaats in de regentenstand. Hij behoorde in 1594 tot de oprichters van De Compagnie van Verre en werd in 1602 een der bewindhebbers van de toen opgerichte De Vereenigde Oostindische Compagnie
Kort voor zijn dood maakte hij deel uit van een consortium van 17 voorname kooplieden, dat zich den handel op de Witte Zee ten doel stelde.
Met recht heeft men daarom Gerrit één der stichters van den nederlandschen wereldhandel genoemd.
Benoeming door burgemeesteren en raden van Amsterdam van Gerrit Bicker Pietersz naast Balthasar Appelman tot thesaurier extraordinaris in plaats van zijn overleden broeder Jacob Bicker In dorso aantekening, dat de principale brief onder Balthasar Appelman berust 15871 stuk.
Gerrit Bicker, Andries' vader, had in den toen nog ongescheiden koopmans- en regentenstand zelfs een aanzienlijke plaats bekleed. Deze behoorde in 1594 tot de oprichters van de Compagnie van Verre en werd in 1602 een der bewindhebbers van de toen opgerichte Oost-Indische Compagnie. Kort voor zijn dood maakte hij deel uit van een consortium van 17 voorname kooplieden, dat zich den handel op de Witte Zee ten doel stelde. Met recht heeft men daarom Gerrit B. een der stichters van den nederlandschen wereldhandel genoemd. Tegelijk bekleedde hij politieke functies in de koopmansrepubliek. Hij was raad van 1590 tot zijn dood in 1604, was schepen en burgemeester en bekleedde bovendien nog verscheidene min of meer belangrijke ambten in de stadsregeering.
Pieter Bicker werd opgevolgd door Gerrit Bicker, die de brouwerij door de woelige jaren van Opstand en Alteratie loodste. Door Gerrits succesvolle deelname aan de Compagnie van Verre gaf hij de dagelijkse leiding over de brouwerij in handen van brouwmeester IJsbrant Willemsz. Na Gerrits overlijden in 1600 verkochten de erven het brouwerijcomplex aan Sion Lus.
Gerrit Pietersz Bicker, die na de verbanning van zijn vader de Amsterdamse brouwerij overnam, trouwde met Aleida Boelens, dochter van Andries Boelens. Die was een van de rijkste en machtigste mannen in Amsterdam, vijftien keer tot burgemeester verkozen. Gerrit dreef handel met Rusland, had contacten in Peru en was vanaf 1590 achtereenvolgens raadslid, schepen en in 1603 zelfs burgemeester. Zijn gedurfde investering in de Compagnie van Verre leverde hem geen windeieren op. Samen met zijn broer Laurens richtte hij ook nog de Compagnie van Guinee op, voor handel op de Afrikaanse westkust in goud, ivoor en slaven.”.

  • Vader:
    Pieter Pietersz Gerrits Bicker, zn. van mr. Pieter Gerritsz Bicker en Anna Pietersdr Codde, geb. in 1522, bierbrouwer op de Grimburgwal in pakhuis "De Sleutel", begr. Amsterdam (Oude Kerk) op 2 apr 1585,
    , In de maximaal 23 brouwerijen die tegelijk in Amsterdam werkzaam waren, vonden helemaal niet zoveel mensen werk. Het was geen omvangrijke beroepsgroep, zeker afgemeten aan scheepvaart, textielindustrie of bouwnijverheid. Er ging wel veel geld in om en we vinden permanent brouwers/eigenaren op hoge posten in het stadsbestuur, als vroedschapslid, schepen of zelfs burgemeester. Er ontstonden hele brouwersdynastieën met broers, kinderen en aangetrouwden, die meerdere brouwerijen bevolkten: bijv. Hasselaer & Bickers
    De Bickers verdienden in brouwerij De Sleutel (aan de Grimburgwal) de basis voor het familiefortuin. Rond 1562 vestigde Pieter zijn brouwerij in een pakhuis op de voormalige Scaffery en noemde die naar dat pakhuis De Sleutel.
    Pieter werd opgevolgd door Gerrit, die de brouwerij door de woelige jaren van Opstand en Alteratie loodste. Rond 1600 schakelden de Bickers over op de nieuwe handelscompagnieën om dat fortuin nog verder uit te bouwen
    Middeleeuwse Bierbrouwerijen in Amsterdam, tr. (2) in nov 1570 met Marie Pietersdr van Neck. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (3) Alkmaar in 1577 met Josina van Teylingen. Uit dit huwelijk geen kinderen, otr. (4) Amsterdam op 15 jun 1582, tr. met Lijsbeth Pieters Nooms. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (1) Amsterdam op 31 jan 1553 met
 

tr. in 1580
met

Aleida Andriesdr Boelens, geb. in 1557, ovl. in 1630.

Uit dit huwelijk 4 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Cornelis~1592 Amsterdam (Oude Kerk) †1654 Amsterdam 61
Johan~1591 Amsterdam †1653 Amsterdam 6110 


Aleida Andriesdr Boelens
Aleida Andriesdr Boelens, geb. in 1557, ovl. in 1630.

tr. in 1580
met

Gerrit Pieterszn Bicker, zn. van Pieter Pietersz Gerrits Bicker (bierbrouwer op de Grimburgwal in pakhuis "De Sleutel") en Elisabeth Laurens Jacobs Benningh, geb. Amsterdam in 1554, Ambachtsheer van Amstelveen en Nieuwer-Amstel, ovl. Amsterdam in 1604,
, Gerrit Pietersz Bicker had een aanzienlijke plaats in de regentenstand. Hij behoorde in 1594 tot de oprichters van De Compagnie van Verre en werd in 1602 een der bewindhebbers van de toen opgerichte De Vereenigde Oostindische Compagnie
Kort voor zijn dood maakte hij deel uit van een consortium van 17 voorname kooplieden, dat zich den handel op de Witte Zee ten doel stelde.
Met recht heeft men daarom Gerrit één der stichters van den nederlandschen wereldhandel genoemd.
Benoeming door burgemeesteren en raden van Amsterdam van Gerrit Bicker Pietersz naast Balthasar Appelman tot thesaurier extraordinaris in plaats van zijn overleden broeder Jacob Bicker In dorso aantekening, dat de principale brief onder Balthasar Appelman berust 15871 stuk.
Gerrit Bicker, Andries' vader, had in den toen nog ongescheiden koopmans- en regentenstand zelfs een aanzienlijke plaats bekleed. Deze behoorde in 1594 tot de oprichters van de Compagnie van Verre en werd in 1602 een der bewindhebbers van de toen opgerichte Oost-Indische Compagnie. Kort voor zijn dood maakte hij deel uit van een consortium van 17 voorname kooplieden, dat zich den handel op de Witte Zee ten doel stelde. Met recht heeft men daarom Gerrit B. een der stichters van den nederlandschen wereldhandel genoemd. Tegelijk bekleedde hij politieke functies in de koopmansrepubliek. Hij was raad van 1590 tot zijn dood in 1604, was schepen en burgemeester en bekleedde bovendien nog verscheidene min of meer belangrijke ambten in de stadsregeering.
Pieter Bicker werd opgevolgd door Gerrit Bicker, die de brouwerij door de woelige jaren van Opstand en Alteratie loodste. Door Gerrits succesvolle deelname aan de Compagnie van Verre gaf hij de dagelijkse leiding over de brouwerij in handen van brouwmeester IJsbrant Willemsz. Na Gerrits overlijden in 1600 verkochten de erven het brouwerijcomplex aan Sion Lus.
Gerrit Pietersz Bicker, die na de verbanning van zijn vader de Amsterdamse brouwerij overnam, trouwde met Aleida Boelens, dochter van Andries Boelens. Die was een van de rijkste en machtigste mannen in Amsterdam, vijftien keer tot burgemeester verkozen. Gerrit dreef handel met Rusland, had contacten in Peru en was vanaf 1590 achtereenvolgens raadslid, schepen en in 1603 zelfs burgemeester. Zijn gedurfde investering in de Compagnie van Verre leverde hem geen windeieren op. Samen met zijn broer Laurens richtte hij ook nog de Compagnie van Guinee op, voor handel op de Afrikaanse westkust in goud, ivoor en slaven.”.

Uit dit huwelijk 4 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Cornelis~1592 Amsterdam (Oude Kerk) †1654 Amsterdam 61
Johan~1591 Amsterdam †1653 Amsterdam 6110 


Pieter Pietersz Gerrits Bicker
 
Pieter Pietersz Gerrits Bicker, geb. in 1522, bierbrouwer op de Grimburgwal in pakhuis "De Sleutel", begr. Amsterdam (Oude Kerk) op 2 apr 1585,
, In de maximaal 23 brouwerijen die tegelijk in Amsterdam werkzaam waren, vonden helemaal niet zoveel mensen werk. Het was geen omvangrijke beroepsgroep, zeker afgemeten aan scheepvaart, textielindustrie of bouwnijverheid. Er ging wel veel geld in om en we vinden permanent brouwers/eigenaren op hoge posten in het stadsbestuur, als vroedschapslid, schepen of zelfs burgemeester. Er ontstonden hele brouwersdynastieën met broers, kinderen en aangetrouwden, die meerdere brouwerijen bevolkten: bijv. Hasselaer & Bickers
De Bickers verdienden in brouwerij De Sleutel (aan de Grimburgwal) de basis voor het familiefortuin. Rond 1562 vestigde Pieter zijn brouwerij in een pakhuis op de voormalige Scaffery en noemde die naar dat pakhuis De Sleutel.
Pieter werd opgevolgd door Gerrit, die de brouwerij door de woelige jaren van Opstand en Alteratie loodste. Rond 1600 schakelden de Bickers over op de nieuwe handelscompagnieën om dat fortuin nog verder uit te bouwen
Middeleeuwse Bierbrouwerijen in Amsterdam.

  • Vader:
    mr. Pieter Gerritsz Bicker, zn. van Gerrit Dirckszn van den Anxter (schepen, eigenaar van de hofstede Crooesbeeck buiten Haarlem) en Machteld Pietersdr Bicker, geb. in 1497, begr. Amsterdam (Oude Kerk) op 6 nov 1567,
    , Het oudste, nog bestaande regentengeslacht van Amsterdam.
    De oudste leden van dit geslacht (14e eeuw) droegen niet de naam Bicker, maar respect. Helmer en van Anxter
    Latere generaties, vanaf 1497, voerden de naam Bicker ontleend aan de familie van Pieter's moeder (Machteld P. Bicker).
    De familie Bicker was een invloedrijk regentengeslacht uit de 16e en 17e eeuw in Amsterdam. De familie Bicker heeft samen met het verzwagerde geslacht De Graeff een halve eeuw het bestuur over de stad Amsterdam en indirect het gewest Holland in handen gehad.[1] Het geslacht Bicker behoort tot de weinige patricische families, waarvan leden én vóór én ná de Alteratie van 1578 in het bestuur van de stad zaten. De Bickers steunden in 1628 de remonstranten in een oproep tot meer verdraagzaamheid en tolerantie. De families Bicker en hun neven De Graeff wisten zich tot 1672 te handhaven.
    Pieter Gerritsz. Bicker (1497-1567) voerde als eerste de naam Bicker, ontleend aan de familie van zijn moeder. Hij was getrouwd met Anna Codde.[2] De leden van de familie Bicker kregen in het begin van de zestiende eeuw een steeds belangrijkere rol binnen het bestuur van Amsterdam. Claes Bicker was baljuw van Amstelland. Hendrik Jacobsz. Bicker werd na de Alteratie van Amsterdam burgemeester. Door hun relaties met andere Hollandse patriciërs zoals de Boelens Loen, De Graeff, Witsen en Hooft won de familie Bicker ook snel aan invloed buiten deze stad, zodat ten tijde van de Gouden Eeuw verschillende Bickers belangrijke functies bekleedden binnen de VOC en andere belangrijke instanties. In 1646 - toen de Republiek op het hoogtepunt van haar macht stond - bekleedden zeven leden van de familie Bicker tegelijkertijd een politieke functie.[3] In de 17e eeuw behoorden de families Bicker en Bicker van Swieten tot de rijkste families van het gewest Holland.[bron?]
    De leden van de familie Bicker, de zogenaamde Bickerse ligue, steunden samen met Jacob de Witt en Cornelis de Graeff de Vrede van Munster. Samen met enkele andere regentengeslachten streefde de familie Bicker naar de volledige soevereiniteit van de republikeinse regenten naar voorbeeld van de Republiek Venetië, en voor de afschaffing van de stadhouderschap van het Huis van Oranje.[4] Tot hun politieke tegenstanders behoorden de stadhouders uit het huis van Oranje-Nassau en de Amsterdamse regentengeslachten Pauw (met name Reinier Pauw)[1] Schaep en Valckenier, tr. Amsterdam op 12 jul 1522 met
 

tr. (1) Amsterdam op 31 jan 1553
met

Elisabeth Laurens Jacobs Benningh, dr. van Mr Laurens Jacobsz en Elisabeth Jansdr Benningh, geb. Amsterdam in 1522, ovl. aldaar in dec 1565, tr. (2) met Jacob Ruijschzn Ruijsch. Uit dit huwelijk geen kinderen.

Uit dit huwelijk 4 kinderen, waaronder:


 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gerrit*1554 Amsterdam †1604 Amsterdam 50
Laurens*1563 Amsterdam †1606 Amsterdam 42
Willem~1564 Amsterdam    

tr. (2) in nov 1570
met

Marie Pietersdr van Neck, begr. Amsterdam (Oude Kerk) op 3 jan 1572.

tr. (3) Alkmaar in 1577
met

Josina van Teylingen.

otr. (4) Amsterdam op 15 jun 1582, tr.
met

Lijsbeth Pieters Nooms, tr. (2) circa 1561 met Gerrit Jansz van Ruytenburgh, geb. in 1529, kruidenier: winkel 'in den Rooden Hondt', begr. Amsterdam (Oude Kerk) op 6 sep 1570. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (3) met Jan de Bitter, begr. Amsterdam op 23 dec 1580. Uit dit huwelijk geen kinderen


Elisabeth Laurens Jacobs Benningh
Elisabeth Laurens Jacobs Benningh, geb. Amsterdam in 1522, ovl. aldaar in dec 1565.

tr. (1) Amsterdam op 31 jan 1553
met

Pieter Pietersz Gerrits Bicker, zn. van mr. Pieter Gerritsz Bicker en Anna Pietersdr Codde, geb. in 1522, bierbrouwer op de Grimburgwal in pakhuis "De Sleutel", begr. Amsterdam (Oude Kerk) op 2 apr 1585,
, In de maximaal 23 brouwerijen die tegelijk in Amsterdam werkzaam waren, vonden helemaal niet zoveel mensen werk. Het was geen omvangrijke beroepsgroep, zeker afgemeten aan scheepvaart, textielindustrie of bouwnijverheid. Er ging wel veel geld in om en we vinden permanent brouwers/eigenaren op hoge posten in het stadsbestuur, als vroedschapslid, schepen of zelfs burgemeester. Er ontstonden hele brouwersdynastieën met broers, kinderen en aangetrouwden, die meerdere brouwerijen bevolkten: bijv. Hasselaer & Bickers
De Bickers verdienden in brouwerij De Sleutel (aan de Grimburgwal) de basis voor het familiefortuin. Rond 1562 vestigde Pieter zijn brouwerij in een pakhuis op de voormalige Scaffery en noemde die naar dat pakhuis De Sleutel.
Pieter werd opgevolgd door Gerrit, die de brouwerij door de woelige jaren van Opstand en Alteratie loodste. Rond 1600 schakelden de Bickers over op de nieuwe handelscompagnieën om dat fortuin nog verder uit te bouwen
Middeleeuwse Bierbrouwerijen in Amsterdam, tr. (2) met Marie Pietersdr van Neck. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (3) met Josina van Teylingen. Uit dit huwelijk geen kinderen, tr. (4) met Lijsbeth Pieters Nooms. Uit dit huwelijk geen kinderen.

 

Uit dit huwelijk 4 kinderen, waaronder:

 naamgeb.plaatsovl.plaatsoudrelatiekinderen
Gerrit*1554 Amsterdam †1604 Amsterdam 50
Laurens*1563 Amsterdam †1606 Amsterdam 42
Willem~1564 Amsterdam    

tr. (2)
met

Jacob Ruijschzn Ruijsch, geb. Amsterdam circa 1515, brouwer in de brouwerij "Den Sleutel", ovl. Weesp in 1552